Schrijven is leven

Soms, wanneer ik me gevangen voel in mijn eigen gedachten en gevoelens, is het enige dat mij kan redden hetgeen dat ik dag en nacht doe: schrijven. Als ik niet kan schrijven, kan ik geen adem halen. Het is mijn zuurstof, mijn levensenergie, de reden waarom ik besta.
Dit klinkt cliché, wellicht “over the top”, maar ik kan er niet over liegen. Sommigen vinden het belangrijk om te studeren, anderen zien hun zielsbevrijding in sporten of uitgaan, voor mij is schrijven het enige dat mij de rust kan geven waar ik altijd naar snak.
Overdag ben ik altijd druk. Druk aan het werk, druk aan de studie, druk met mijn sociale leven. Maar ’s avonds, wanneer ik heerlijk onder mijn dekens lig met mijn laptop op mijn schoot, kom ik pas echt tot leven.
Niemand begrijpt mijn fascinatie met het geschreven woord. Zelf kom ik uit een ver land, ergens in het Midden-Oosten. Als kind groeide ik tweetalig op, waardoor ik beide talen nooit voor de volle honderd procent heb leren beheersen. Twaalf jaar was ik toen ik voor het eerst besloot om “later, als ik groot ben” auteur te worden. Op de dag dat ik mijn basisschool verliet, kreeg ik een lijst met uitgevers van mijn meester.
“Hier,” zei hij. “Voor de dag dat je er klaar voor bent.”
Sindsdien heb ik niet getwijfeld aan mijn dromen. Ik heb het Vwo afgemaakt, ben gestart met een universitaire studie en heb me gestort op het studentenleven (inclusief drank, seks en feestjes), maar ik heb altijd weer de discipline teruggevonden om mijn gedachten en gevoelens op papier vast te leggen.
Schrijven is een onbegrijpelijk gevoel. Woorden zijn de sterkste wapens die een mens heeft. De vorming van letters tot woorden en woorden tot zinnen heeft mij altijd gefascineerd. Hoe kunnen we met een paar simpele klanken zoveel emoties naar buiten brengen? Hoe kunnen we met een paar zinnen, geschreven op wit, nietszeggend papier iemand ontroeren of aan het lachen maken? Emoties en woorden zijn met elkaar verbonden en dat is het mooiste dat er bestaat.
Terwijl ik dit opschrijf krijg ik meer houvast op mijn leven, de omkadering van mijn nietige bestaan. Zonder zweverig of allicht een tikkeltje “rijp-voor-het-gesticht” te willen klinken, kan ik met zekerheid stellen dat ik leef op het geschreven woord. Het is mijn kracht, mijn drijfveer om iedere dag weer op te staan en ’s avonds mijn ogen te sluiten. Schrijven is leven.

Geen review maar preview

Het begin van het nieuwe jaar en ik lig wat lusteloos in mijn bed, mijn laptop op mijn schoot en de tv op Nederland 1. De film “Sissi” wordt voor de tigduizendste keer in mijn leven uitgezonden. Romy Schneider is mooi, haar tegenacteur lijkt op een mislukte vanillepudding en haar schoonmoeder is een prototype “gemene heks”. Een cursus acteren voor beginners zou geen overbodige luxe zijn geweest.
Mijn kamer ziet er rommelig uit. Ik moet een keer opruimen, maar daar heb ik geen zin in. Aan het voeteneinde van mijn bed ligt mijn boek “materieel strafrecht”. Vol goede moed ben ik vanmorgen begonnen met lezen, maar na drie pagina’s dwaalden mijn gedachten af naar het avondeten, mijn kledingkast en het feit dat ik nog nooit iets heb bereikt in mijn leven. Al met al klassieke symptomen van studieontwijkend gedrag.
Ergens, in een heel ver verleden, had ik onwijs grote dromen. Ik wilde strijden voor vrede op de wereld, rijk worden en voor mijn dertigste de invloedrijkste vrouw ooit worden. Het mag duidelijk zijn: ik heb geen drugs nodig om te hallucineren. Af en toe haal ik rare gedachten in mijn hoofd, ideeën die helemaal nergens op slaan. Ik lijd aan grootheidswaanzin.
Om maar een voorbeeld te geven: tel hoe vaak er  “ik” staat in het stukje tekst hierboven. Psychologisch gezien ben ik gewoon verknipt, koekoek, het spoor bijster, ver heen en nooit meer terug te halen. Toch wil ik niet mijn dromen opgeven. Mijn dromen maken me tot wie ik ben.
Daarom heb ik besloten om mezelf doelen te stellen voor het jaar 2014. Ja ja, het is cliché: levensdoelen aan het begin van het jaar. Ik heb hier nooit aan meegedaan, omdat ik er niet in geloofde en omdat ik lekker “rebels” wilde zijn (samen met alle anderen die als een kudde losgeslagen stieren zich afzetten tegen de tradities die er heersen).
Ik heb mezelf beloofd om me aan mijn voornemens te houden, gewoon omdat ik eens wil zien hoe het voelt om plannen te hebben en deze tot uitvoering te brengen. Ik heb namelijk nog nooit iets afgemaakt. Mijn ideeën beginnen groots en mijn intenties zijn nobel, maar als puntje bij paaltje komt, verlies ik mezelf in mijn eeuwige luiheid. Ik kan eromheen draaien, iedereen en alles de schuld geven van alle mislukte pogingen in mijn leven om iets te ondernemen, maar het neemt niet weg dat er maar één ding is dat mij echt tegenhoudt: ik ben liever lui dan moe.
Er zijn heel wat talenten die ik bezit, maar ik breng ze nooit tot uiting. Ik kan goed schrijven en geweldige verhalen verzinnen. Tot nu toe heb ik twee manuscripten afgerond en beide zijn opgepakt door een uitgever, maar ik vertik het om het allemaal tot een goed einde te brengen. Ik doe niets met de adviezen, de stukken die ik moet verbeteren of de tips die ik krijg. Het is veel makkelijker om te leven op het idee dat je ooit een boek zal uitgeven, dan het daadwerkelijk ook te doen.
Ook kan ik goed leren (al zeg ik dat zelf). Met een diploma vwo op zak, begon ik in 2008 aan een universitaire studie. Tot nu toe heb ik het gepresteerd om niet eens het bachelor af te ronden (ik benadruk het feit dat ik dit een prestatie vind, aangezien iedere halvezool met twee of meer hersencellen een bachelor in 6 jaar tijd zou moeten kunnen afronden). Het is niet dat ik het niet kan of het niveau veel te hoog ligt, het is gewoon wederom mijn persoonlijkheid die me in de weg zit. Ik kijk liever nutteloze televisieseries of luister naar muziek en droom erbij weg, in plaats van mezelf in te spannen om eindelijk mijn studie af te maken en mijn leven te beginnen.
Het derde is mijn uiterlijk. Ik ben niet moeders mooiste. Ik ben niet dik, maar ook niet dun. Ik ben niet lelijk, maar ook niet mooi. Mijn uiterlijk is het beste te beschrijven als “gemiddeld”. Ik ben het type waar de meesten van zeggen “dertien in een dozijn”. Om toch op te vallen draag ik extentions, kleurlenzen en nepnagels. Wat voorheen leek als een positieve toevoeging aan mijn uiterlijk is nu verandert in een negatieve benadrukking van mijn onzekerheid. Het lijkt wel alsof ik nergens anders meer om geef dan hoe ik eruit zie, en daar wil ik van af.
Daarom heb ik mezelf drie hoofddoelen gesteld voor 2014.

1.      1. Mijn boek afschrijven en ervoor zorgen dat het een bestseller wordt

2.      2. Mijn studie afronden

3.      3. Zonder extentions, nepnagels en kleurlenzen door het leven gaan

Het klinkt allemaal simpel en sommigen zullen wel denken “dat kind moet echt een leven zoeken”, maar voor mij zijn dit toch zaken die ik langzaamaan moet aanpakken en verbeteren. Daarom ga ik mijn virtuele dagboek minimaal 4 keer per week aanvullen. Ik wil mezelf er zo aan herinneren dat ik doelen voor mezelf heb gesteld en deze wil naleven. Aan het einde van 2014 zal ik een stuk schrijven waarin staat dat ik al deze doelen heb bereikt. Het is nu of nooit. 2014, ik ben er helemaal klaar voor!